Colonia Florentia – de bloeiende kolonie – werd in de 1e eeuw voor Christus gesticht voor veteranen uit het leger van Julius Caesar. Gelegen in het schitterende landschap van Toscane begon de echte bloei en welvaart pas in de late middeleeuwen. Gefinancierd door de beroemde bankiersfamilie di Medici en met grote namen als Michelangelo, Leonardo da Vinci en Giorgio Vasari werd Florence de bakermat van de renaissance en groeide uit tot één van de mooiste steden van de wereld.

Kunst, cultuur, goed eten en absolute topwijnen. Het recept voor een geweldig weekend!

Piazzale Michelangelo

Het meest spectaculaire uitzicht over de historische binnenstad van Florence heb je vanaf het Piazzale Michelangelo.Dit verklaart de grote aantrekkingskracht van het hoog gelegen plein in de heuvels van Florence op zo’n 10 minuten wandelen van de Arno. Vanaf dit plein heb je een mooi overzicht van alle belangrijke gebouwen van de historische binnenstad. Je hebt een mooi overzicht van de belangrijkste gebouwen van de historische binnenstad. Vooral tegen zonsondergang is dit een populaire spot.

Op het plein uit 1869 ter ere van Michelangelo staat een bronzen replica van zijn beroemdste werk, de David, samen met de 4 beelden: het Morgenlicht, de Dag, de Avondschemering en de Nacht. Het op deze plek bedoelde museum met werken van Michelangelo is er nooit van gekomen.

Duomo

Vanaf de 13 eeuw begon de bloeiperiode van Florence en bij een machtige stad hoort een statige kathedraal (Duomo). De oude Santa Reparata uit begin 5e eeuw voldeed daar niet aan en werd vervangen door één van de grootste en meest indrukwekkende kathedralen in Europa, de Basilica di Santa Maria del Fiore.

De eerste steen werd gelegd in 1296. Het duurde tot 1436 voordat de kathedraal inclusief de karakteristieke koepel (met een diameter van 45,5 en een hoogte van 91 meter) af was en door de paus kon worden ingewijd. Ook een campanile mocht natuurlijk niet ontbreken. 414 treden brengen je naar de top van deze beltoren, met uitzicht over de hele stad. Met 85 meter is hij net iets lager dan de koepel. Het oorspronkelijke plan van ontwerper Giotto di Bondone voor een 122 meter hoge campanile met torenspits is nooit gerealiseerd.

Tegenover de Duomo staat het Baptisterium San Giovanni. Deze doopkapel uit de 11e eeuw is in de daarop volgende eeuwen tot een waar kunstwerk uitgegroeid. Vooral de bronzen portalen aan de oostzijde “de poort naar het paradijs” van Lorenzo Ghiberti is wereldberoemd.

Veel van de kunstschatten uit de Duomo, de campanile en het baptisterium zijn kopieën. De originelen zijn ondergebracht in het Museo dell’Opera del Duomo aan de oostkant van het Piazza del Duomo.

Piazza Santa Croce

Het plein werd in de middeleeuwen gecreëerd om de gelovigen die niet meer in de Basilica di Santa Croce pasten een plek te geven.

De basiliek zelf dankt haar naam aan een splinter van het heilige kruis dat in 1258 werd geschonken door de koning van Frankrijk. De Franciscaanse kerk is vrij sober ingericht in vergelijking met de neo Gotische marmeren  buitenkant. Binnen liggen de graftobes van vele bekende inwoners zoals Michelangelo, Galileo en Ghiberti. Vergeet ook niet de fresco’s van Giotto te bekijken.

De bekende dichter Dante – schrijver van La divina commedia en geboren en getogen in Florence – mocht door zijn verbanning niet in Florence begraven worden. Een standbeeld op het plein voor de kerk maakt dit enigszins goed.

Piazza della Signoria

Al vanaf de middeleeuwen is het Piazza della Signoria het politieke hart van Florence. Signoria staat voor het hoogste uitvoerende orgaan: de regering. Het bekendste gebouw aan het plein is het Palazzo Vecchio, in 1299 gebouwd als het nieuwe gemeentehuis van de stad onder de naam Palazzo della Signoria. Het Palazzo moest de machtige status van Florence uitstralen. Zijn huidige naam heeft het Palazzo gekregen toen het Cosimo I het verruilde voor Palazzo Pitti en zijn oude paleis Palazzo Vecchio (oude paleis) noemde.

Het Piazza della Signoria is ontstaan uit een machtsstrijd tussen de Pauselijke Staat en de Duitse keizers, in Noord Italië uitgevochten tussen de Welfen en de Ghibelijnen. In Florence werd deze strijd in 1266 uiteindelijk in het voordeel van de Welfen beslist met als gevolg dat huizen en bezittingen van o.a. de machtige Ghibelijnse Uberti familie met de grond gelijk werden gemaakt. Ook werd bepaald dat er niets op die grond gebouwd mocht worden. Dit is de reden voor de L-vorm van het plein en daardoor staat het Palazzo Vecchio min of meer in een hoek. Op het plein staan een aantal standbeelden waarvan de “David” van Michelangelo de bekendste is.

Aan de rechterkant van het Palazzo staat het Loggia dei Lanzi, een statige open zuilengalerij gebouwd tussen 1376 en 1382, met daarin een aantal indrukwekkende en enigszins gewelddadige standbeelden.

Galleria degli Uffizi

Het Uffizi is één van de beroemdste musea ter wereld. Het staat vooral bekend om haar indrukwekkende collectie uit de Italiaanse renaissance, waaronder werken van Botticelli, da Vinci en Michelangelo.

Het U-vormige gebouw is ontworpen door Giorgio Vasari en alleen al de lange, smalle binnenplaats – met de standbeelden van beroemde kunstenaars – die het Piazza della Signoria met de rivier de Arno verbindt, is een attractie op zich.

Oorspronkelijk was het gebouw bedoeld als kantoor voor het stadsbestuur tijdens de heerschappij van de de’ Medici familie, vandaar de naam Uffizi.

Upload Image...
Upload Image...

Mercato Centrale

De Mercato Centrale is de grote overdekte levensmiddelenmarkt van de stad en is een absolute aanrader voor de liefhebber van Italiaans eten. De markthal werd in 1874 gebouwd ter vervanging van de Mercato Vecchio, die op haar beurt weer plaats moest maken voor de aanleg van het Piazza della Repubblica.

Op de begane grond staan talloze verkopers hun verse producten aan de man te brengen. Alle ingrediënten voor de lekkerste Toscaanse gerechten zijn hier te koop. Vis, schaaldieren, brood, vlees, wild, groente, fruit, kaas, pasta, olijfolie, kruiden en natuurlijk ontbreekt ook de wijn niet! Gelukkig zijn er ook voldoende restaurants en foodstalletjes om al dit lekkers direct tot je te kunnen nemen.

De Mercato Centrale maakt onderdeel uit van de San Lorenzo markt, een grote openluchtmarkt waar veel kleding, leren producten en souvenirs voor toeristen worden verkocht.

Aan de oostkant van de stad, op het Piazza Lorenzo Ghiberti in de wijk Santa Croce, ligt de Mercato di Sant’Ambrogio. Deze markt wordt meer door de locals gebruikt en is wat minder toeristisch.

Mercato Nuovo

In tegenstelling tot de naam is de Mercato Nuovo de oudste nog bestaande markthal van de stad. De loggia uit het midden van de 16e eeuw kreeg haar naam omdat er op de plek waar nu het Piazza della Repubblica ligt, al een markt was. Deze nieuwe markt was een uitbreiding om de oude te ontlasten. Vooral luxe- en zijden producten werden er verkocht. Tegenwoordig worden er voornamelijk goedkope leren producten en souvenirs voor toeristen verkocht.

Belangrijkste trekpleister is de Fontana del Porcellino. De legende gaat, dat als je over de neus van het wilde zwijn wrijft en vervolgens een muntje in zijn bek stopt, je verzekerd bent van voorspoed en een terugkeer naar Florence. Voorwaarde is wel dat het muntje met de stroom water in het onderliggende rooster van de fontein verdwijnt. Het beeld is in 2008 vervangen door een kopie. Het originele beeld van rond 1633 van Pietro Tacca is te bewonderen in het Bardini museum.

 

Ponte Vechio
Piazza Santo Spirito

Ponte Vecchio

De beroemdste brug van de stad stamt uit 1345 en is een vervanging van eerdere versies die door overstromingen in de loop der eeuwen zijn vernietigd. Om de ommuurde stad Florence ook tegen aanvallen vanaf het water te verdedigen had de brug kantelen en twee verdedigingstorens aan beide uiteinden. Om inkomsten te genereren werden winkeltjes met werkplaatsen op de brug gebouwd, die vooral door smeden, leerlooiers, vishandelaren en slagers werden gebruikt. In de loop der jaren werden de winkels fors uitgebreid in de hoogte en in de breedte (soms hangend boven de rivier) en verdwenen de kantelen.

Een grote verandering vond plaats in 1565 met de bouw van de Corridoio Vasariano, een circa 1 km lange speciale doorgang tussen het Palazzo Vecchio en het Pallazo Pitti. Deze werd aangelegd voor de heersende familie de’ Medici zodat zij zich op een veilige manier (en niet tussen het volk) tussen de twee paleizen konden bewegen. De Corridoio loopt van het Palazzo Vecchio, via het Uffizi, over de winkels van de Ponte Vecchio naar het Palazzo Pitti en is nog steeds in gebruik. Vanwege de troep en de stank werd toen ook bepaald, dat alleen nog maar goudsmeden en juwelierszaken zich op de brug mochten vestigen.

Oltrarno

Oltrarno, letterlijk over de Arno, is een wat rustiger en minder toeristisch gedeelte van de stad, omdat veel dagjesmensen niet verder komen dan de Ponte Vecchio. Traditioneel is dit het gebied waar gewerkt wordt. In de Via Santo Spirito en de Borgo San Jacopo vind je dan ook nog veel ateliers met handgemaakte leren producten, schoenen, houtsnijwerk en zo meer.

Op en rondom het Piazza Santo Spirito is het goed vertoeven. De fontein in het midden en de grote bomen eromheen geven het plein een ontspannen karakter in een oase van rust. De terrasjes rondom het plein zijn dan ook een populaire plek om af te spreken.

Speciale aandacht voor het pittoreske Piazza della Passera. Het pleintje is een populaire plek rond borreltijd en de vele restaurants zorgen voor een gezellige drukte tot in de late uurtjes

De Porta Romana uit 1326 is één van de oude toegangspoorten van de destijds ommuurde stad Florence. De 15 meter hoge poort wordt nog steeds gebruikt en is een belangrijke toegangsweg vanuit het zuiden van de stad. De grote, middelste boog heeft enorme houten deuren, waarmee de poort gesloten kan worden. Op het plein voor de poort vonden vroeger boerenjaarmarkten plaats (Fiera dei Conteratti). Speciaal aan deze jaarmarkt was dat één keer per jaar meer dan alleen boerenproducten werden verhandeld. Dan veranderde de markt in een huwelijksmarkt, waarbij mannen op zoek gingen naar een geschikte vrouw en waarbij vaak met behulp van een tussenpersoon over de bruidsschat werd onderhandeld.

In het midden van het plein het “Dietro-front” standbeeld. Het veelbesproken standbeeld van een vrouw, met op haar hoofd een vrouw, die in een andere richting loopt.

Palazzo Pitti

Het Renaissance-paleis werd in 1458 in opdracht van bankier Luca Pitti gebouwd om zijn macht en rijkdom te etaleren. Een eeuw later was de familie door financiële tegenslag gedwongen het paleis te verkopen aan de familie de’ Medici. Het werd flink vergroot en ook werd op de achterliggende heuvel begonnen met de aanleg van de typisch Italiaanse tuinen, de Giardino di Boboli.

Het paleis is ook na de de’ Medici-periode altijd een belangrijk machtscentrum gebleven. Zowel de Habsburgers als Napoleon namen hier hun intrek. In de korte periode dat Florence hoofdstad van het koninkrijk Italië was (1865-1871), was het paleis de residentie van Koning Victor Emanuel II. In 1919 werd het door de koninklijke Savoie-familie aan de staat geschonken en momenteel is het Palazzo in gebruik als museum.

Piazza della Passera
Terras in Oltrarno, Florence

Fagioli al Fiasco

Bonen spelen een belangrijke rol in de Toscaanse keuken. Dit blijkt wel uit de bijnaam voor de inwoners van Toscane: Mangiafagioli (bonen eters). Je ziet het dan ook veel op de menukaart terug. Als bijgerecht, als soep, maar ook als hoofdgerecht. Het meest bekend is Fagioli al Fiasco, waarbij de geweekte  bonen, samen met o.a. salie, knoflook, peper en olijfolie langdurig worden gekookt in een fles. Traditioneel was dit de dikbuikige met riet beklede Chiantifles, wel ontdaan van het riet en de wijn natuurlijk.

Bistecca alla Fiorentina

Voor een vleesliefhebber is de Bistecca alla Fiorentina het summum van lekker eten. Een trip naar Florence kan dan ook niet zonder een bezoek aan een restaurant waar deze lekkernij nog op traditionele wijze wordt bereid.

Het vlees komt van het witte Chianinarund, het grootste runderras ter wereld. Door een minimale rijping van 2 tot 3 weken wordt smaak en zachtheid van het vlees gegarandeerd. De ideale bistecca wordt rare gebakken op de (houtskool)gril, heeft een dikte tussen de 4 en de 6 cm. en weegt zo’n 1 tot 1,5 kg. Echt een gerecht om met vrienden te delen! Een Brunello of een Vino Nobile di Montepulciano past hier uitstekend bij.

Cinghiale

Het wilde zwijn is zeer geliefd in de Toscaanse keuken. Gebakken in de oven of als langzaam gegaard stoofvlees.

Een echte klassieker is Pappardelle al Ragù di Cinghiale, waarbij de ragù – van in rode wijn gemarineerde cinghiale – over de brede linten pasta gaat.

Pici

Naast pappardelle is ook Pici een typisch Toscaanse pasta. Pici lijkt op een dikkere versie van spaghetti en wordt meestal met een bolognesesaus geserveerd.

Trippa alla Fiorentina

De traditionele Toscaanse keuken is een eenvoudige boerenkeuken, waarbij niets wordt weggegooid. Ook orgaanvlees niet. Sterker nog: trippa is één van de populairste gerechten van Florence en omstreken. De in groentebouillon zachtgegaarde pens kom je in veel gerechten tegen. Ook op een broodje bij de vele streetfood-kraampjes is het erg populair, waar het ook wel onder de naam Lampredotto wordt verkocht.

Op de menukaart is de trippa alla Fiorentina het meest bekend. De pens wordt samen met selderij, knoflook, ui, wortel en tomaat langzaam gekookt en geserveerd met aardappelen of cannellini-bonen in olie.

Crostini Toscani

Het aan beide zijden geroosterde toastje is een geliefde begeleider bij een lekker glas wijn op het terras. Bij de Crostini Toscani is de toast belegd met een pastei van kippenlever.

Toscane staat bekend om heerlijke wijn voor een breed publiek. Of het nu om wijn in een traditionele mandfles (fiascho) gaat of om de exclusieve Brunello di Montalcino, voor iedereen is er wel iets bij.

Chianti DOCG

De bekendste wijn van Toscane is de Chianti. De chiantistreek beslaat een groot gedeelte van Toscane. De wijn heeft een helderrode kleur, relatief veel tannine en een hoge zuurgraad. Daardoor past hij goed bij de maaltijd.

De wijn wordt voor minimaal 80% van de Sangiovese druif gemaakt, eventueel aangevuld met druiven als Canoiolo, Cabernet Sauvignon of Merlot. Ook een klein percentage witte druiven is toegestaan. Deze aanvulling is vooral bedoeld om de enigszins harde smaak van de Sangiovese te verzachten en de wijn toegankelijker te maken. Het minimum alcoholpercentage is 11,5%. Een jonge Chianti mag vanaf 1 maart van het jaar volgend op de oogst op de markt komen.

Subzones Chianti

Chianti is in 1932 opgedeeld in subzones. Een aantal van deze subzones hanteren strengere minimumeisen, zoals: een lagere productie per hectare, minder trossen per plant en een langere rijpingsperiode, waardoor ze hoger worden aangeschreven. Ook ligging en microklimaat van de subzone spelen hierbij een rol.

Chianti kent de volgende subzones: Colli Aretini, Colli Fiorentini, Colline Pisane, Colli Senesi, Montalbano, Montespertoli, Rufina en Classico.

Vooral in Chianti Classico, Chianti Rufina en Chianti Colle Fiorentini zijn de regels strenger, waardoor de wijn uit deze gebieden meer aanzien heeft. Maar het zegt niet alles. Veel individuele wijnmakers gaan uit zichzelf boven het vereiste minimum van de subzone zitten. Dus ga niet alleen op de naam af.

Als een wijnhuis aan deze regels voldoet, mag het de naam van de subzone op het etiket vermelden

Chianti superiore

Chianti is een erg groot wijngebied en onder de naam Chianti is een groot aanbod van wijn beschikbaar, met een verschillend prijs- en kwaliteitsniveau.

In een poging hierin structuur aan te brengen is in 1996 Chianti superiore ingevoerd. Consumenten die niet direct kennis hebben van de subzones en de verschillen daartussen, kunnen in plaats daarvan op zoek gaan naar deze “superieure Chianti”. Alleen goed gelegen wijngaarden in heuvelachtig gebied zijn toegelaten. Natte kleigronden in de dalen of in lager gelegen gebieden zijn uitgesloten. Daarnaast zijn er andere, strengere regels dan bij een “gewone” Chianti. Zo geldt o.a. een lagere productie van druiven per hectare en moet de wijn minimaal 9 maanden rijpen.

Voorwaarde voor het vermelden van de term “superiore”, is dat de naam van het subzone niet wordt vermeld. Een keuze van het wijnhuis dus.

Chianti Riserva

Naast Chianti heb je ook Chianti Riserva. De aanduiding “riserva” betekent dat de wijn minimaal een rijping van 2 jaar heeft gehad, gerekend vanaf 1 januari van het jaar na de oogst.

Naar de wijn
Toscaanse druiven

Chianti Classico

Oorspronkelijk werd Chianti geproduceerd in een paar dorpjes tussen Florence en Sienna. In 1932 werd dit gebied door de Italiaanse overheid verruimd tot een groot deel van Toscane en opgedeeld in subzones. Het gebied tussen Florence en Sienna, waaronder ook het oorspronkelijke Chianti gebied, kreeg de naam Chianti Classico. Deze wijn is te herkennen aan het logo met de zwarte haan: Gallo Nero.

De regels voor de productie van Chianti Classico wijn zijn strenger dan die van de meeste andere Chiantigebieden, waardoor de wijn een goede reputatie heeft. Lagere productie per hectare en een langere rijpingstijd zijn daar een voorbeeld van. Zo moet de wijn minimaal een jaar rijpen voordat hij mag worden verkocht en geldt een minimum alcoholpercentage van 12%.

In 1996 heeft Chianti Classico een eigen herkomstgebied gekregen, waardoor de wijn niet meer onder het grote Chianti DOCG valt, maar onder de eigen Chianti Classico DOCG.

Voor de Chianti Classico riserva geldt een rijpingsperiode van minimaal 2 jaar en een minimum alcoholpercentage van 12,5%

Sinds 2013 is er een nieuwe categorie toegevoegd, de Chianti Classico Gran Selezione. Belangrijkste kenmerken van deze wijn zijn een minimale rijping van 30 maanden en de druiven moeten van één wijnbedrijf afkomstig zijn (single estate).

Naar de wijn
Uitzicht op San Gimignano

Vernaccia di San Gimignano

“Heel Toscane is bezet door rode druiven. Heel Toscane? Nee, een kleine nederzetting blijft moedig weerstand bieden aan de overweldigers en maakt het leven van menig bezoeker van San Gimignano en de omringende plaatsen bijzonder aangenaam…”

Het Toscaanse middeleeuwse stadje San Gimignano is beroemd om de vele torens, maar natuurlijk ook om de wijn. Vernaccia di San Gimignano is de enige witte wijn in Toscane met een DOCG status en daarmee de logische keuze bij de lunch, borrel of diner. De wijn is fris en vrij strak en heeft een minimum alcoholpercentage van 11,5%.

Vernaccia di San Gimignano riserva: Voor de riserva geldt een minimale rijpingsperiode van een jaar, waarvan een  gedeelte op hout en drie maanden op fles.

Naar de wijn
Verwerking van de druiven voor de wijn

Vino Nobile di Montepulciano

In het Chianti gebied Collo Senesi, ten zuidoosten van Sienna, ligt het dorp Montepulciano. Het gebied is warmer en droger, waardoor de wijn tot de beste van Toscane wordt gerekend en het gebied een eigen DOCG status heeft gekregen.

Vino Nobile moet minimaal 70% sangiovese (lokaal Prugnolo gentile geheten) bevatten, eventueel aangevuld met andere lokale rode druiven. Ook is een klein percentage witte druiven (max 5%) toegestaan. De wijn moeten minimaal 2 jaar rijpen, waarvan 1 jaar op eikenhout.

Voor de riserva geldt een minimale rijpingsperiode van 3 jaar, waarvan 1 jaar op hout.

Rosso di Montepulciano is het jonge broertje van de Vino Nobile. Voor de samenstelling van de wijn gelden dezelfde regels, maar Rosso hoeft slechts 4 maanden te rijpen.

Naar de wijn
Houtenvloer van wijnkisten in Montalcino

Brunello di Montalcino

Brunello is misschien wel de bekendste en beste wijn uit het Chianti gebied. Het middeleeuwse dorpje ligt bovenop een heuvel in het Colle Senesi gebied.

De wijn wordt gemaakt van 100% Sangiovese Grosso, die ook wel gewoon Brunello wordt genoemd. De wijn moet maar liefst 4 jaar rijpen, waarvan minimaal 2 jaar op eikenhout en 4 maanden op fles. Het minimum alcoholpercentage is 12,5%.

Voor de Brunello Riserva geldt een rijpingsperiode van 62 maanden, waarvan minimaal 2 jaar op eikenhout en 6 maanden op fles.

Beide wijnen zijn typische bewaarwijnen. Lang houdbaar (enkele tientallen jaren) en na verloop van jaren worden de tannines steeds zachter en wint de wijn aan kwaliteit.

Rosso di Montalcino. Is het jongere, meer toegankelijke broertje van de Brunello. Hij wordt jong gedronken en kan al na 1 jaar rijping worden verkocht.

Naar de wijn
Brunello proeven in Montalcino

Super Tuscan

Een vreemde eend in de Toscaanse bijt is de Super Tuscan. De naam is niet afkomstig van een herkomstgebied, maar is een geuzennaam voor verschillende Toscaanse wijnen van een goed niveau, die niet binnen een herkomstgebied vallen of niet aan de regels ervan voldoen.

Het begon in de jaren 70 van de vorige eeuw, toen wijnmakers wijn wilden maken van andere druiven dan die voor Chianti zijn toegestaan. Vooral Franse (Bordeaux)druiven als Merlot, Cabernet Sauvignon en Cabernet Franc zijn populair.

Het resultaat: een topwijn, maar wel eentje die niet aan de regels voldoet en hierdoor in de laagste classificatie van de Italiaanse wijnwet valt: de tafelwijn. Dat heeft de populariteit niet negatief beïnvloed. Sterker nog, de Vino da Tavola status heeft de mythe van deze Super Tuscan alleen maar doen toenemen. Bekende wijnen zijn Tignanello, Sassicaia en Ornellaia.

Fullscreen-Logo
Florence

kaart is aan het laden - een ogenblik geduld aub...

Florence 43.769915, 11.255407 Florence