Kan het nog romantischer? Met z’n tweetjes een weekendje in de stad van Romeo en Julia.

Wandelen over prachtige pleinen en onder eeuwenoude poorten, kijken naar middeleeuwse kerken en kastelen. Ontdek een binnenstad waar nog zoveel van de ruim 2000 jaar oude geschiedenis bewaard is gebleven, dat deze in zijn geheel op de Werelderfgoedlijst van Unesco staat.

Slenter langs de oevers van de Adige, de rivier die als een lus om de historische binnenstad ligt. En neem één van de vele bruggen weer terug de stad in. Loop via het huis van Romeo naar het huis van Julia met het wereldberoemde balkon.

Ga lunchen op Piazza Bra, met op de achtergrond de 2000 jaar oude arena, waar in de Romeinse tijd gladiatoren en wilde dieren de dienst uitmaakten, maar waar tegenwoordig de grootste artiesten concerten geven en waarvoor jij kaartjes hebt geregeld.

Neem de Corso Sant’Anastasia richting Pontre Pietra – een weg die nog ouder is dan de stad zelf – en loop naar het Piazzale Castel San Pietro voor een romantische zonsondergang. Vergeet niet een flesje wijn mee te nemen. Neem de beste wijn uit Veneto, de Amarone, al was het alleen al vanwege de zwoele naam.

Casa di Guilietta

Ja, je kijkt naar een balkon. Ja, het is er pas later aangebouwd. Ja, het is misschien een tourist trap.

Toch is het Casa di Guilietta een must see. Al was het alleen maar vanwege alle toeristen die zich op de binnenplaats voor het huis vergapen aan het balkon en zich verdringen rondom het standbeeld van Julia en allemaal haar rechterborst willen aanraken voor geluk in de liefde. Het huis zelf is een museum, gewijd aan het liefdespaar, waarbij je ook de mogelijkheid hebt een kijkje op het balkon te nemen.

Het liefdesverhaal van Romeo en Julia is wereldberoemd door het toneelstuk van William Shakespeare. In zijn versie komt geen balkon voor en stond Julia voor het raam, maar dat mag de pret niet drukken. Het blijft het meest aansprekende liefdesverhaal ooit!

Op zoek naar het huis van Romeo? Dat ligt er niet ver vandaan, maar verder dan een plaquette bij een dichte deur zul je waarschijnlijk niet komen.

Piazza delle Erbe

Op de plek waar vroeger het Romeinse Forum stond, ligt nu het Piazza delle Erbe. Het langwerpige plein is het hart van de stad. Op het plein is het een vrolijke drukte van marktkraampjes voor de toerist, terrasjes met grote karakteristieke parasols en restaurants. In het midden staat de Fontein van Madonna uit 1368. Dit geliefde monument is het symbool van Verona. Het gebruikte Madonnabeeld stamt nog uit de Romeinse tijd.

Voor het palazzo Maffei, aan de noordkant van het plein, staat op een hoge sokkel de leeuw van San Marco. Deze gevleugelde leeuw is het symbool van Venetië. wellicht onlogisch, maar Verona maakte van 1405 t/m 1789 deel uit van de republiek Venetië.

De populaire winkelstraten Corso Porta Borsari, via Cappello en via Mazzini komen op het Piazza delle Erbe uit. Een ideale plek dus om even bij te komen onder het genot van een espresso of een witte wijn.

Piazza dei Signori

Is het Piazza delle Erbe je iets te druk? Slechts verbonden door een kleine straat ligt aangrenzend het Piazza dei Signori. Dit kleinere en rustigere piazza wordt in de volksmond ook wel Piazza Dante genoemd vanwege zijn standbeeld in het midden van het plein. Aan het statige plein staan alle belangrijke overheidsgebouwen uit die tijd, zoals de Loggia del Consiglio, het Palazzo del Comune en het Palazzo dei Tribunali. Neem even de tijd om midden op het plein te gaan staan en de rijkversierde gebouwen en bogen over de toegangswegen te bekijken.

Het Palazzo del Podestà was eigendom van de machtige familie Scaligeri, die in de 13e en 14e eeuw over Verona en een groot deel van Noord Italie heerste. De boog rechts van het gebouw leidt naar de Arche Scaligere, de Gotische grafmonumenten van deze familie.

Natafelen in het historisch centrum van Verona

Torre dei Lamberti

Deze 84 meter hoge toren biedt een spectaculair uitzicht over het centrum van de stad, de rivier en de omringende heuvels. Hij ligt aan het Piazza delle Erbe en via het Piazza Signori kun je de ingang bereiken.

De toren is in 1172 gebouwd. Het achthoekige bovenste stuk met de klokken is in 1464 toegevoegd. 368 traptreden (of een lift) brengen je naar het panoramadek. De hoger gelegen klokkenetage is alleen per trap te bereiken.

De toren is onderdeel van het Palazza del Comune, het oudste stadhuis van Italië. Oorspronkelijk waren er 4 torens, maar 3 grote branden hebben in de loop der tijd grote delen van het gebouw inclusief de andere torens vernietigd.

Castel Vecchio

Het typisch middeleeuws kasteel stamt uit 1376. Het is gebouwd in opdracht van de toen heersende familie Scaligeri ter bescherming tegen aanvallen van naburige steden als Milaan en Venetië, maar ook tegen aanvallen van binnenuit. Een interne strijd binnen de familie en een aantal broedermoorden zorgde ervoor dat hun populariteit snel afnam.
De dikke muren, een (niet meer aanwezige) slotgracht en 6 torens moesten de familie beschermen. En mocht het toch misgaan dan konden ze via hun eigen brug de Ponte Scaligero naar hun bondgenoten in Tirol vluchten. Dit gebeurde in 1387 toen de Milanese familie Visconti de stad veroverde.
Het kasteel is open voor publiek en zeker een bezoek waard. In het kasteel is het museo d’Arte gevestigd, met een indrukwekkende collectie van 14e -18e eeuwse kunst en een uitgebreide wapencollectie. Ook een wandeling over de kasteelmuren en de brug zijn een aanrader.

Naast het kasteel staat de Arco dei Gavi. De triomfboog uit de 1e eeuw stond oorspronkelijk even verderop over de belangrijkste weg van de stad, de via Postumius (het huidige Corso Cavour). In 1805 werd de boog door de Franse bezetters afgebroken. In 1932 werd aan de hand van oude modellen een reconstructie gemaakt op de huidige locatie. Hierbij zijn ook originele stenen van de boog gebruikt.

Arena di Verona

Arena di Verona

Het best bewaard gebleven gebouw uit de Romeinse tijd is het Amfitheater. Het ovale theater bood plaats aan 30.000 toeschouwers, op dat moment meer dan het aantal inwoners van de stad. De toeschouwers werden vermaakt met gladiatorengevechten, wilde dieren en terechtstellingen.

Momenteel is het programma minder bloederig. Door de perfecte akoestiek is de Arena wereldberoemd om de operavoorstellingen in de zomermaanden. Maar ook moderne muzikanten van Adelle tot Kiss hebben de unieke sfeer van de Arena ontdekt.

Natuurlijk is de arena voor het publiek overdag open voor bezichtiging en rondleidingen, maar er gaat niets boven de echte belevenis: Een concert. Een absolute must dus!

Geen kaarten kunnen krijgen voor je favoriete concert? Op het Piazza Bra, het plein waaraan de Arena ligt, zijn genoeg terrasjes om, onder het genot van een drankje, toch nog een beetje van het concert mee te krijgen.

De Arena opende in het jaar 30 na Chr. haar deuren en lag uit veiligheidsoverweging buiten de stadsmuren. Er was toen nog een derde ring, maar aangezien deze boven de stadsmuur uitstak werd het gedeelte aan de stadskant uit angst dat indringers via de ring de stad konden innemen later weer afgebroken. Een aardbeving in 1117 verwoeste de rest van de bovenste verdieping inclusief de buitenmuur. Slechts  vier bogen van de derde ring (“ala” genoemd) bleven overeind. De Arena raakte tot het eind van de 16e eeuw in verval, maar kwam door de hernieuwde interesse in de Romeinse tijd weer in de belangstelling.

Het Romeins theater

Misschien wel het meest indrukwekkende bouwwerk in Verona is het oude Romeinse theater. Nadat de Romeinen de stad opnieuw hadden ingericht, bouwden ze aan de overkant van de rivier de Adige, dit imposante theater, rijk versierd met marmer, standbeelden, tribunes en loges. Het theater stamt uit de 1e eeuw voor Chr. en ligt ter hoogte van de Ponte Pietra en de niet meer bestaande Ponte Postumio. De bruggen dienden ook als toegangsweg naar de trappen van beide ingangen van het theater. Omdat het tegen de heuvel is gebouwd, had het publiek niet alleen een mooi uitzicht op het toneel, maar ook op de achterliggende stad. De directe omgeving van het theater bleef onbebouwd, wat de grootsheid van het theater in de Romeinse tijd nog eens extra benadrukte.

Na het uiteenvallen van het Romeinse rijk is het theater in verval geraakt en letterlijk onder de aarde verdwenen. De latere stadsuitbreiding is er dan ook overheen gebouwd. Rond 1830 is begonnen met het opgraven van het theater en de bijbehorende gebouwen, waarbij de op die plek gebouwde huizen zijn afgebroken. Langzaam en met een beetje fantasie krijgt het theater weer wat van z’n oude status terug en waan je je in Romeinse tijden. Ook worden er weer voorstellingen gehouden.

Ponte Pietra

De Ponte Pietra is een icoon in de stad. De brug maakte deel uit van de via Postumius, een in 148 v. Chr. door de Romeinen aangelegde verharde weg, die liep van in het westen gelegen Genua naar Aquileia in het oosten van Italië. In de eerste eeuw v. Chr. werd de toen nog houten brug vervangen door een stenen brug. De pons Marmoreus (marmer), zoals de brug toen heette, is door overstromingen door de eeuwen heen regelmatig ingestort en herbouwd. Voor het laatst na de Tweede Wereldoorlog, nadat terugtrekkende Duitse troepen de brug hadden opgeblazen.

De structuur van de huidige brug wijkt af van die uit de Romeinse tijd. Alleen de eerste twee bogen aan de linkeroever (de kant van het theater) stammen uit de Romeinse tijd. De twee middelste bogen, van baksteen, uit 1520. De boog aan de stadskant komt uit de middeleeuwen. Ook de naam werd veranderd in Ponte Pietro (stenen brug). Opvallende details: Het oog in het midden van de brug, bedoeld om overtollig water af te voeren bij hoog water en de wachttoren aan de stadskant uit 1298, ter verdediging van de brug.

Piazzale Castel San Pietro

Tegenover de binnenstad, in het verlengde van Ponte Pietra, waakt bovenop Mont Gallus, Castel San Pietro over Verona. Dit is een speciale plek voor de stad, omdat ver voordat de Romeinen aan de overkant van de rivier de huidige stad Verona bouwden, op deze plek de Etrusken al een nederzetting hadden. Zij worden dan ook gezien als de eerste bewoners van Verona. De nieuwe naam San Pietro heeft de heuvel te danken aan een tempel uit de Romeinse tijd, die op deze plek stond. Het kasteel met dezelfde naam werd door de familie Visconti in 1398 gebouwd op de ruïnes van de tempel en een eerder gebouwd fort, maar let op, dit is niet het huidige kasteel. Het kasteel werd namelijk in 1801 door de troepen van Napoleon opgeblazen. Het huidige Castel San Pietro stamt uit 1856 en is door de Oostenrijkers gebouwd die toen over Verona heersten. Het is niet open voor publiek, maar de klim omhoog is zeker de moeite waard vanwege het spectaculaire uitzicht over het Romeins theater en de rest van Verona. Vooral rond zonsondergang is het extra druk met geliefden die hun avond een extra romantisch tintje willen geven.

Poorten en stadsmuren

De lange en rijke geschiedenis van de stad is nog steeds duidelijk zichtbaar. Verona is gebouwd op een kruispunt van belangrijke wegen, die zowel voor de handel als de militaire controle over de Alpen belangrijk waren. Vandaar dat de stad stevig werd verdedigd met muren en indrukwekkende poorten.

De Romeinse muur werd in de 1e eeuw voor Chr. gebouwd. De belangrijkste weg door de stad was de Via Postumius (nu Corso Porta Borsari en Corso Sant’Anastasia). De stadsmuur is grotendeels verdwenen, maar de toegangspoort, Porta dei Borsari bestaat nog. De in Romeinse tijd gebruikelijke kruisstraat (via Maximus) is de via Cappello. Ook van deze toegangspoort, de Porta Leoni, is nog een klein gedeelte zichtbaar.

In de 12 eeuw bloeit de stad weer op en wordt de muur uitgebreid. De nieuwe muur omvat o.a. het Piazza Bra inclusief Arena. De Arco dei Gavi, de triomfboog uit de 1e eeuw over de via Postumius, wordt in de muur opgenomen en veranderde hierdoor in een toegangspoort. Tijdens het bewind van de familie Scaligeri in de 13e en 14e eeuw kreeg de verdediging de hoogste prioriteit. Niet alleen werd een nog groter deel van de stad ommuurd, maar ook het gedeelte aan de overkant van de Adige werd versterkt met stadsmuren. Stenen bruggen, verdedigingstorens, grachten, kastelen en forten maakten de verdediging compleet.

Tussen 1387 en 1404 is de Milanese familie Visconti aan de macht. Zij bouwen o.a. het Castel San Pietro en een ommuurde Cittadelle ten zuidoosten van de Piazza Bra voor de huisvesting van hun troepen. In deze periode wordt ook de Portoni della Bra gebouwd in de al bestaande stadsmuur uit de 12e eeuw. Niet alleen als toegangspoort naar de stad, maar ook als onderdeel van een overdekte loopbrug van de Cittadelle naar het Castel Vecchio.

Van 1405 tot 1796 is Verona onderdeel van de republiek Venetië en wordt de stad verder verfraaid. In de buitenste muur aan de zuidkant worden o.a. twee poorten gebouwd. De Porta Nuova (1540) en de Porta Palio (1561).  In de oorlog tussen Frankrijk en Oostenrijk wordt de tussenliggende republiek Venetië door Frankrijk veroverd. In het vredesverdag in 1797 viel de stad Verona in Franse handen. Het gebied aan de andere kant van de Adige werd Oostenrijks, maar niet voordat de Fransen alle verdedigingswerken inclusief Castel San Pietro hebben vernietigd. Na de val van Napoleon in 1814 wordt heel Verona Oostenrijks. De stadsmuren worden compleet vernieuwd en aangepast aan de eisen van de zware artillerie uit de 19e eeuw. Brede wallen, muren en bastions, waarvan aan de zuidkant van de stad nog steeds veel zichtbaar is.

Italië algemeen

In Italië is het ontbijt (colazione) niet erg uitgebreid. Een espresso (’s ochtends café genoemd) of een cappuccino met een brioche volstaat.

Voor de lunch (pranzo) nemen de Italianen uitgebreid de tijd. Een pasta met een goed glas wijn of diverse antipasti is heel normaal.

De Traditionele Menukaart

De menukaart voor het diner vergt enige uitleg. Het traditionele menu is als volgt opgebouwd:

Aperitivo: Een appetizer, bedoeld om de eetlust op te wekken. Het gaat meestal om een drankje dat staande wordt gedronken. Bekende voorbeelden zijn prosecco en vermouth. De drankjes worden begeleid door borrelhapjes als olijven, chips, nootjes of kaas.

Antipasto: Antipasto betekent letterlijk vóór de maaltijd. Dit is dus het voorgerecht.

Primo piatto: De eerste gang bestaat meestal uit een zetmeelgerecht, zoals pasta, risotto, pizza of een gebonden soep. De porties zijn niet al te groot, waardoor er nog ruimte is voor een tweede gang.

Secondo piatto: De tweede gang bestaat meestal uit vlees of vis. Dit is dus het echte hoofdgerecht.

Contorno: De bijgerechten zoals salade, groente, aardappelen of frites.

Dolce e torte: Het (zoete) nagerecht. Per regio is er altijd wel een lokale specialiteit op de kaart. Favoriet in Italië (en ver erbuiten) zijn tiramisu, panna cotta en natuurlijk gelato.

Formaggi e frutta: Een andere manier om de maaltijd te verlengen is met een kaas- of vleesplankje. In combinatie met een lekkere dessertwijn kan het nog lang gezellig blijven.

Caffè & Digestivo: De traditionele afsluiter. Een espresso is hierbij favoriet. Bekende digestieven zijn limoncello, grappa en amaro.

Zoals blijkt is de traditionele menukaart nogal uitgebreid. Er wordt dan ook niet verwacht, dat je altijd alle gangen neemt. Ook zit er geen volgorde in de menukaart. Een antipasto en een secondo combineren of meer zin in twee primi? Het kan allemaal.

Osteria, trattoria, ristorante. Is er verschil?

Oorspronkelijk was een osteria een pub of herberg, waar reizigers konden eten en slapen en waar de lokale bevolking voor ontspanning en gezelligheid bij elkaar kwam. De sfeer is informeel en laagdrempelig. Op het menu: lokale wijn met één simpele warme maaltijd voor een lage prijs.

De trattoria zijn traditioneel familie-restaurants. La mama in de keuken, de kinderen in de bediening en papa als sommelier én voor de rekening. Op de menukaart veel regionale gerechten, die met de seizoenen meegaan.

Een ristorante komt het dichtst in de buurt bij wat wij restaurant noemen. Goed geklede ober, tafellaken, professionele chefkok in de keuken en een uitgebreide menu- en wijnkaart.

Tegenwoordig worden bovenstaande termen door elkaar gebruikt en dat kan tot verwarring leiden. Vooral osteria en trattoria zijn erg populaire namen voor een restaurant. Een blik op de inrichting, de menukaart en de prijslijst zegt dan vaak meer dan de naam. Bekend voorbeeld is Osteria Francescana in Modena met 3 Michelinsterren en in 2016 en 2018 uitgeroepen tot beste restaurant ter wereld door de ” World’s 50 Best Restaurants list”.

Enoteca

Bij een enoteca ligt de nadruk op het proeven van verschillende wijnen van lokale wijnmakers en het verkrijgen van meer informatie over deze wijnen. Oorspronkelijk werd hierbij geen eten geserveerd. De Italianen dronken hier een glas wijn en gingen daarna elders eten. Tegenwoordig kun je bij een enoteca meestal ook eten. Dit kan variëren van enkele kleine broodjes of hapjes tot een kleine menukaart. Uiteraard ontbreekt bij ieder gerecht de wijnsuggestie niet. Er zijn ook enoteche, vergelijkbaar met een wijnwinkel bij ons. Wijn kan dan alleen per fles worden gekocht om mee te nemen.

Bàcaro

Speciaal aandacht voor de Bàcaro. Er zijn veel verhalen waar deze naam vandaan komt. Favoriet is die van een gondelier in Venetië, die een wijn zo goed vond dat hij schreeuwde: “Bon, bon! Questo xe proprio un ‘vin de bàcaro”. Een echte wijn van Bàcaro dus, verwijzend naar Bacchus, de Romeinse god van de wijn. De Venetiaanse term far bàcaro betekent dan ook een wijntje gaan drinken en waar kan dat beter dan op een plek, waar goede wijn wordt verkocht, de Bàcaro!

Een ander verhaal is die van de ombra, letterlijk schaduw. Op het San Marcoplein in Venetië werd wijn verkocht. Om te zorgen dat de wijn niet te warm werd, volgden de marktkooplui gedurende de dag de schaduw van de campanile op het plein. Hierdoor wordt het woord ombra ook gebruikt met als betekenis: wijn. Bij een Giro d’ombra gaan de Venetianen van bàcaro naar bàcaro om de beste wijn te drinken. Bij een goede wijn hoort ook een klein hapje, een cicchetto. Dit kan een schaaltje olijven zijn, wat vleeswaren of een klein broodje. Een grote groep kan natuurlijk ook een hele schaal vol cicchetti bestellen.

Campo della Pescheria, Mercato di Rialto
Mercato di Rialto, Erberia

De Veronese keuken

Verona heeft eeuwenlang deel uitgemaakt van de republiek Venetië, in een periode dat Venetië het middelpunt van de internationale handel op de Middellandse Zee was. De Veronese keuken is dan ook voornamelijk  gebaseerd op de rijke Cucina Veneziana. Oosterse kruiden en specerijen, rijst voor de risotto, koffie, thee en als echte kuststad natuurlijk alle vis, schaal- en schelpdieren, die de zee rijk is. Aangevuld met de eenvoudige plattelandskeuken van de door bergen en vruchtbare vlaktes gedomineerde regio Veneto. De hoeksteen van de Veronese keuken, die in veel lokale gerechten is terug te vinden: risoto, polenta, bonen en vis.

Risi e bisi

Een heerlijke risoto van rijst en kippenbouillon all’onda gekookt, waardoor het wat natter is en meer op soep lijkt. Natuurlijk aangevuld met erwten (bisi), pancetta, ui en als finishing touch wat Parmezaanse kaas.

Brasato all’Amarone con polenta

Heerlijk gestoofd rund- of kalfsvlees in een saus van Veneto’s meest exclusieve wijn: de Amarone. Geserveerd met polenta, een van maismeel gemaakt gerecht dat qua uiterlijk veel weg heeft van aardappelpuree.

Bigoli in salsa

Veneto heeft haar eigen pasta, Bigoli. Dit is een iets dikkere volkoren spaghetti, traditioneel geserveerd in een salsa van ui en gezouten vis. Favoriet is ansjovis, maar ook sardientjes worden hiervoor gebruikt.

Pasta e Fasioi

Pasta in een saus van bonen is in heel veel Italiaanse streekkeukens terug te vinden. Vaak onder de naam Pasta e Fagioli (letterlijk pasta en bonen). Iedere streek heeft z’n eigen recept en gebruikt voor de naam meestal haar eigen dialect. Zo is Pasta e Fasioi, pasta en bonen op z’n Venetiaans. Ook het recept is iets anders, het wordt geserveerd als een soep.

Fegato alla veneziana

Fegato alla veneziana is een gerecht dat ook ver buiten Venetië populair is. De hoofdingrediënten zijn plakjes kalfslever en ui, om en om geserveerd. Het zoete van de langzaam in witte wijn gekookte uien is een perfecte tegenhanger voor de sterke en licht bittere smaak van de kort gebakken kalfslever.

Lekker Gnocchi eten in Soave

Antipasto di frutti di mare

Vis, schaal- en schelpdieren zijn niet weg te denken uit de Venetiaanse keuken. Een heerlijk koud voorgerecht met een selectie van het beste dat de zee te bieden heeft, zoals  garnalen, mousse van kabeljauw, inktvis, mosselen, krab, etc.

Bij fritto misto di mare worden de zeevruchten licht gefrituurd. Geen dikke paneerlaag zoals in Nederland, maar een dun laagje bloem, waardoor de smaak behouden blijft.

Seppie alla Veneziana

Als je echt iets speciaals wilt proberen, bestel dan eens seppie alla veneziana. Dit is inktvis gegaard in eigen inkt. Op het eerste gezicht ziet het er door de zwarte kleur niet erg smakelijk uit, maar schijn bedriegt. De seppie kan zowel met pasta als risotto worden geserveerd.

Sarde in Soar

Een klassiek Venetiaans gerecht. De gebakken sardientjes worden koud geserveerd in een zoetzure saus, gemaakt van uien en wijnazijn, met pijnboompitten en rozijnen. Heerlijk als lunch.

Andere bekende visgerechten zijn: Coda di Rospo al forno (gebakken zeeduivel), Baccalà alla veneziana (gedroogde, gezouten kabeljauw) en Seppioline alla griglia (gebakken inktvis).

Prosecco

De Fransen hebben champagne, de Italianen prosecco. Beide lekkere mousserende wijnen, toch zijn er verschillen, waarvan het belangrijkste natuurlijk de druiven zijn. Voor prosecco wordt de druif Glera gebruikt (minimaal 85%), die ook wel Prosecco genoemd wordt.

Prosecco is een jonge, frisse, fruitige mousserende wijn. Over het algemeen Iets fruitiger dan champagne en daardoor wat toegankelijker.

  • Prosecco Spumante: De betere prosecco. Deze krijgt een lange tweede gisting, waardoor een hogere koolzuurdruk en wat meer mousse ontstaat. Je herkent de fles aan de kurk met metalen muselet.
  • Prosecco Frizzante: Deze fles herken je aan de kurk met het touwtje (spago) of de kroonkurk. De wijn krijgt een korte tweede gisting, waardoor een lagere koolzuurdruk ontstaat.

De tweede gisting vindt bij prosecco meestal plaats in een gesloten druktank (methode charmat) en minder op fles (methode traditionnelle) zoals bij champagne. Spumante is er in drie varianten: dry, extra dry en brut, waarbij dry dus de meest zoete variant is.

Prosecco DOC mag geproduceerd worden in Veneto en Friuli-Venezia Giulia. In de heuvels van Treviso zijn er ook twee DOCG’s: Prosecco di Conegliano Valdobbiadene Superiore di Cartizze en Colli Asolani Prosecco.

Pinot Grigio

Eén van de bekendste wijnen van Italië is de pinot grigio. Van deze populaire druif wordt in veel landen wijn gemaakt, zoals pinot gris en grauburgunder.

Het terroir en het klimaat zorgen wel voor verschillen in smaak. De Pinot Grigio uit Veneto is vooral populair vanwege zijn frisse en kruidige citrus smaak met een licht zoetje. De wijn is een echte allemansvriend, die het vooral goed doet op warme dagen op het terras, omdat hij lekker koud geserveerd kan worden en prima past bij de Italiaanse borrelhapjes.

Naar de wijn

Soave

Het paradepaardje van de witte wijn in Veneto is de Soave. De wijn is vernoemd naar de gelijknamige stad ten oosten van Verona en wordt gemaakt van de Garnanega druif (minimaal 70%), eventueel aangevuld met Chardonnay, Pinot bianco en Trebbiano.
Het is een volle, aromatische, maar toch frisse wijn. In zowel de geur als de smaak herken je perzik, meloen, sinaasappelschil en soms abrikoos en gekonfijt fruit.

Soave classico: Binnen het wijngebied Soave ligt de subzone Classico, het centrale en meest historische deel van het wijngebied. De wijngaarden uit deze zone liggen op de vulkanische heuvels. Hierdoor heeft de wijn meer complexiteit met veel mineralen. Wijn uit deze zone draagt de naam Soave Classico en behoort tot de betere Soave wijnen.

Soave Superiore: Door de enorme populariteit van Soave is in de jaren 70 het productiegebied fors vergroot, ook met kwalitatief mindere gebieden. In een poging het kaf van het koren te scheiden is in 2001 het herkomstgebied Soave Superiore DOCG opgericht. Dit gebied is kleiner en de wijn moet aan strengere eisen voldoen, waaronder een minimale rijping van 8 maanden.

Een aantal bekende wijnhuizen (vooral uit het classico gebied) vonden de nieuwe regels en de beperking van het herkomstgebied niet ver genoeg gaan. Uit protest hiertegen blijven ze de Soave DOC (classico) kwalificatie gebruiken.

Soave Superiore Riserva: Deze naam wordt gegeven aan een Soave Superiore met een minimale rijping van 24 maanden, waarvan minimaal 3 maanden op fles.

Recioto di Soave

Uit het Soave gebied komt ook een zoete dessertwijn, de Recioto. Voor deze wijn wordt ook de Garnanega druif gebruikt, met dit verschil dat de druiven eerst worden gedroogd. De zoete wijn wordt vaak gedronken bij het dessert en is heerlijk bij een zoet toetje, taartje of cake.

Naar de wijn
Terras aan het Gardameer

Lugana

De witte Lugana wordt gemaakt van de druif Trebbiano di Lugana. Het is een krachtige, volle, frisse wijn met veel citrus-, gecombineerd met exotisch fruit en met een mooie balans. Heel lekker bij vis, maar ook top op het terras. De wijngaarden liggen op de grens van Lombardije en Veneto ten zuiden van het Gardameer, dus genoeg schitterende locaties om de wijn te drinken. En op de boot misstaat hij al helemaal niet.

Deze wijn is een nog vrij onbekende in het enorme aanbod van heerlijke wijnen uit Noord Italië, maar dat zal waarschijnlijk niet lang meer duren. Dus grijp snel je kans, voordat het grote publiek deze wijn ontdekt.

Naar de wijn
druivengroei volgens het aloude pergolasysteem

Bardolino

Bardolino is een lichte, makkelijk te drinken, fruitige rode wijn, vernoemd naar de gelijknamige stad op de oostelijke oever van het Gardameer. De druiven zijn gelijk aan die van de meer bekende buurman Valpolicella, namelijk Corvina Veronese, Rondinella en Molinara. Met dit verschil dat er relatief minder Corvina Veronese en meer Rondinella wordt gebruikt. Hierdoor heeft de wijn minder body, wat hem een goede begeleider maakt bij pasta- en risottogerechten en zelfs bij vis.

Bardolino Superiore: Deze wijn heeft minimaal 12 maanden houtrijping gehad en heeft een hoger alcoholpercentage dan de gewone variant. Dit maakt hem over het algemeen iets complexer. Bardolino Superiore heeft een DOCG kwalificering.

Valpolicella

Valpolicella is de populairste rode wijn uit Veneto. De druiven, die voor de wijn  gebruikt worden, zijn Corvina Veronese, Rondinella en Molinara. De Corvina is de belangrijkste druif (60% tot 80%) en geeft de wijn body en structuur.

Valpolicella is er in verschillende kwaliteitsniveaus. Vruchtbare terroirs met een hoge productie per hectare zorgen vaak voor lichte bulkwijn. In de hoger gelegen koudere gebieden krijgen de druiven beter tannines en de wijn een hoger niveau. Meestal is de prijs een goede indicator voor de kwaliteit.

Valpolicella: De standaard Valpolicella is een jonge, lichtrode, niet al te zware wijn, met een bittertje en lichte kersensmaak. De wijn is een prima begeleider van pastamaaltijden, pizza, risotto en zelfs van vis.

Valpolicella Classico: Dit is Valpolicella uit het oorspronkelijke Valpolicella-gebied, dat in het noordwesten van het huidige gebied ligt. Door strengere eisen en een hogere ligging wordt wijn uit het classico gebied vaak beter aangeschreven. Maar let op: een aantal van de beste huizen ligt juist meer in het oosten, richting Soave. Dus proef zelf.

Valpolicella Superiore: Dit is Valpolicella (classico), die minimaal één jaar houtrijping heeft gehad en een minimaal alcoholpercentage van 12% heeft. Hiervoor zijn de betere druiven, die geschikt zijn voor langere rijping, gebruikt.

Valpolicella Ripasso (classico, superiore): Ripasso betekent letterlijk opnieuw passeren. De Valpolicella krijgt na de normale gisting een tweede gisting op de droesem van de Amarone wijn. Hierdoor krijgt de wijn meer kleur, geur, smaak en ook een hoger alcoholpercentage. Kortom een vollere wijn met meer karakter.

Door dit productieproces wordt Valpolicello Ripasso liefkozend ook wel baby amarone genoemd. Natuurlijk niet zo goed als de echte topwijn van Veneto, maar door de lagere prijs wel een aantrekkelijk alternatief.

Een andere methode om een betere kwaliteit Valpolicella te krijgen, is om bij de productie voor een deel gedroogde druiven te gebruiken.

Naar de wijn
Een wijngaard in Valpolicella

Amarone della Valpolicella

De Amarone della Valpolicella is de grote trots van de streek. De druiven komen altijd van de mooiste trossen van de beste wijngaarden. Ze worden zorgvuldig geselecteerd en met de hand geplukt, zodat de druiven niet beschadigen.

Voordat er wijn van wordt gemaakt, worden de druiven gedroogd in donkere, goed geventileerde schuren. Door het drogen verliezen de druiven 25 tot 40% vocht, waardoor de concentratie van suiker, aroma- en smaakstoffen toeneemt. De hoeveelheid wijn neemt hierdoor natuurlijk ook flink af, waardoor Amarone geen goedkope wijn is.

Na het persen en de langzame gisting, laat men de Amarone verder rijpen op grote fusten of op kleinere barriques. De minimale rijpingsperiode is 2 jaar.

Het resultaat mag er zijn: een fruitige, droge, zware rode wijn, die lang bewaard kan worden en wordt beschouwd als één van de beste DOCG wijnen van Italië.

Het minimale alcoholpercentage is 14%, maar een alcoholpercentage van 15% en hoger komt ook voor.

riserva: Een Amarone riserva moet minimaal 4 jaar rijpen.

Naar de wijn
Gedroogde druiven voor de Amarone

Recioto della Valpolicella

Ook deze wijn is van gedroogde druiven gemaakt. In tegenstelling tot de Amarone wordt deze wijn in kleine fusten en bij een lage temperatuur bewaard. Hierdoor gist de wijn niet verder, waardoor de restsuikers bewaard blijven. Het resultaat, na een minimale rijping van 25 maanden, is een zoete dessertwijn met een alcoholpercentage van rond de 12%. Een heerlijk wijn om met een kaasplateau nog lang na te tafelen!

Naar de wijn
Fullscreen-Logo
Verona

kaart is aan het laden - een ogenblik geduld aub...

Verona 45.443208, 10.997357 Verona